Over de aanbevelingen
De zes aanbevelingen van de Rechterlijke Werkgroep Normering Smartengeld en het kader van "pas toe of leg uit" bij de toepassing van de Rotterdamse Schaal.
De Rotterdamse Schaal werkt met bandbreedtes per letselcategorie. Een rechterlijke werkgroep heeft zes aanbevelingen opgesteld die bepalen hoe die bandbreedtes worden toegepast. De aanbevelingen, die gelden vanaf 1 januari 2026, hebben het karakter van "pas toe of leg uit": een rechter die ervan afwijkt, motiveert waarom. De app past ze stap voor stap toe.
Aanbeveling 1 · De Rotterdamse Schaal als vertrekpunt
Smartengeld wordt begroot via de Rotterdamse Schaal. De grenzen van de bandbreedte zijn niet absoluut: bij bijzondere omstandigheden kan een rechter daarbuiten treden, mits goed gemotiveerd.
Aanbeveling 2 · Leeftijdsopslag bij blijvend letsel
Bij blijvend letsel in de A- en B-categorie geldt een opslag voor jonge slachtoffers: 25% voor kinderen tot en met 14 jaar, 15% voor jongeren van 15 tot en met 29 jaar. De opslag wordt berekend op het basisbedrag en kan de bovengrens van de bandbreedte overschrijden.
Aanbeveling 3 · Opslag bij opzet of ernstige verwijtbaarheid
Bij opzet of ernstige verwijtbaarheid kan het smartengeld worden verhoogd met 10 tot 25%. Het hoogste percentage is gereserveerd voor uiterst verwijtbare gedragingen. Bij risicoaansprakelijkheid vindt geen opslag plaats.
Aanbeveling 4 · Opslagen worden opgeteld, niet vermenigvuldigd
Als zowel de leeftijdsopslag als de opzetopslag van toepassing zijn, worden beide afzonderlijk berekend op het basisbedrag en daarna opgeteld.
Aanbeveling 5 · Meervoudig letsel
Bij meerdere niet-samenhangende letsels weegt het zwaarste letsel volledig mee en het op ernst tweede letsel voor 50%. Die bedragen worden opgeteld. Een derde letsel weegt niet op dezelfde manier mee, maar kan wel een rol spelen bij de keuze binnen de bandbreedte.
Aanbeveling 6 · Duur van het letsel
De duur van het letsel bepaalt mede de hoogte van het smartengeld. Kortdurend letsel herstelt binnen zes maanden. Langdurig letsel heeft een hersteltijd tot twee jaar. Blijvend letsel is het letsel dat na twee jaar nog bestaat. Voor blijvend letsel is uiteindelijk bepalend wat het letsel op lange termijn inhoudt, niet hoe de eerste periode eruitzag.